BNS Crisp heeft nieuwe voorzitter

‘Ik weet wat beter is voor het imago van onze beroepsvereniging’

Carin Frijters van het Retailtheater is kort geleden voorzitter geworden van branchevereniging BNS Crisp, de belangenbehartiger voor professioneel interieur- en vastgoedstylisten. Vijf vragen aan de kersverse voorzitter. “Uiteindelijk zullen er leden zijn die zich niet meer bij onze beroepsvereniging zullen thuis voelen.” 

Waarom hebt u deze uitdaging aanvaard?
“Toen ik eerder dit jaar de vraag kreeg van de toenmalig voorzitter, Yvonne Kleber, om de nieuwe voorzitter te worden van stylisten beroepsvereniging BNS Crisp moest ik echt wel even nadenken. Zo’n rol moet je wel serieus nemen en het idee hebben hoe waarde toe te kunnen voegen aan de vereniging zoals die er op dat moment staat. De radartjes gingen werken en vrij snel zag ik kansen. Want waarom hebben we het over interieur-en vastgoedstylisten? Er zijn immers veel meer domeinen waar een stylist een creatieve bijdrage zou kunnen leveren. Denk bijvoorbeeld simpelweg aan events of retail? We noemen dit in mijn vakgebied: retail wel blurring. Grenzen tussen bestaande domeinen en structuren vervagen en worden meer fluide. De stylist kan hier, richting toekomst, een belangrijke rol in spelen.”

Heeft een beroepsvereniging anno 2018 nog wel bestaansrecht? (Verenigingen zijn toch zó jaren ’80?)
“Het woord vereniging is een achterhaalde benaming. Voor veel leeftijdgenoten mogelijk herkenbaar maar hoe zit dat met de nieuwe generatie? De zogeheten Y- en Z-generatie. Duidelijk opgegroeid met een hand op de smartphone of tablet. Ik ga me in dit vraagstuk de komende periode verdiepen en kom er graag bij de lezer op terug.”

Hoe beoordeelt u de kwaliteit van het ondernemerschap van interieurstylisten en vastgoedstylisten in Nederland?
“Vooralsnog kun je jezelf eenvoudig stylist noemen. Het is immers een vrij beroep. Onze beroepsvereniging BNS Crisp heeft hierin een duidelijke rol en dat is het kaf van het koren scheiden. Dit doen we onder andere door portfoliochecks en duiding van de specifieke expertises van betrokken stylist. Dat gaat over de inhoudelijke kant van het vak. Daarnaast is het simpel. Ben je geen ondernemer, dan denk je mogelijk niet in kansen en bepaalt dit vanzelf je werkveld.”

Op welke thema’s beoogt u de professionalisering? Wat wilt u over een aantal jaren per sé – als voorzitter bereikt hebben?
“Hoe scherper de duiding voor de klant (consument maar ook leverancier) hoe beter dit is voor het imago van onze beroepsvereniging. Dit betekent dat wij nog scherper dan nu al het geval is moeten kijken naar ons ledenbestand. Een stylist is immers niet gebaat bij een vraag die veel verder reikt dan haar expertise maar een klant al helemaal niet. Aansluitend moeten wij de ontsluiting naar onze klanten nog beter faciliteren. Zodat een klant eenvoudiger gebruik kan maken van het creatieve advies van onze leden, van online, regionaal, op een event et cetera. De wereld is immers transparant en digitaal. Als je zo’n grote groep met professionele stylisten (bijna 350 leden) in je bestand hebt zijn er zoveel meer mogelijkheden. Een andere belangrijke rol zie ik in het verbreden van de basis. Om een kleine tip van de sluier op te lichten: waarom is er bijvoorbeeld geen beroepsvereniging voor groenstylisten?”

U bent recht-door-zee. Kunt u dan wel verbinden?
“Haha, recht-door-zee en verbinden kunnen zeer goed samengaan. Het heeft niet zo heel veel zin om voor de band uit te lopen en je niet bewust te zijn van je omgeving. Duidelijk zijn daarentegen, je visie delen, zal aan de ene kant betekenen dat we (hopelijk) behoorlijk wat leden erbij krijgen en ja, dit zal ook betekenen dat er leden zullen zijn die ervaren dat ze zich niet meer bij de beroepsvereniging thuis voelen. Maar is dat niet het leven?”      

Tekst en beeld: Jerry Helmers, Retailtheater